Wikia



De geschiedenis van Porphyrius

De strijd met de walvis

Belisarius leidde een oprecht en regelmatig leven en er mislukte hem in die jaren maar één onderneming, die tegen Porphyrius, de beroemde walvis, die sinds vijfentwintig jaar de scheepvaart in de Bosporus en de Zwarte Zee had gehinderd, en die op geen enkele manier kon worden gedood of gevangen. Deze Porphyrius was de enige walvis die voor zover bekend ooit in de Middellandse Zee is doorgedrongen. Veel grotere walvissen, de zogenaamde potvissen, komen veel voor op de Atlantische Oceaan, en een enorm exemplaar is ooit gestrand bij Cadiz. Nog groter zijn de walvissen van de Indische Oceaan, zoals we weten van handelaren die ieder jaar op de moessonwind naar Ceylon varen - dit zijn de walvissen die baleinen leveren en zij zijn dikwijls meer dan honderd meter lang. Porphyrius was maar één-achtste van deze lengte; maar anders dan de Indische walvissen, schuwe dieren die de schepen mijden, voerde hij een vernietigende oorlog met het rijk.

Walvissen

Walvissen eten niet, zoals men zou denken, grote vissen en dolfijnen en zeehonden en haaien, maar alleen het kleinste grut: ze zwemmen met grote snelheid door het water met hun mond open en verzwelgen er miljoenen tegelijk. Porphyrius' gewone verblijfplaats was de Zwarte Zee, waar hij weidde op de zeebodem, waar de vissen paaien, en soms was hij maandenlang weg. Maar hij kwam altijd terug en koos dan positie in de engte van de Bosporus of in de Hellespont, en liet door de stroming zwermen vis in zijn mond spoelen. Bij Porphyrius' eerste verschijning, gebeurde het dat een stoutmoedige visser, boos om het verlies van zijn netten, in een klein bootje langs hem heen voer, en het klaarspeelde een zware visspeer in zijn zij te planten. Dit was een oorlogsverklaring, en Porphyrius, die tot dusver heel vreedzaam was, viel het bootje aan en sloeg het met zijn staart in stukken. Toen besefte men dat Porphyrius niet een jonge walvis was van het gewone, onkrijgshaftige soort, maar een volgroeide 'vechtwalvis', zoals ze heten, het soort dat zeelieden op de Indische Oceaan oorlog hebben zien voeren tegen grote walvissen, waarbij ze hen onder herhaalde aanvallen in stukken scheurden.

Porphyrius

Porphyrius had de gewoonte diep onder water op de loer te liggen en dan plotseling te verschijnen, terwijl er water uit een gat in zijn hoofd spoot, om iedere boot en ieder klein schip in zijn gezichtsveld aan te vallen en met zijn staart in stukken te slaan. Hij bracht ook, bij twee gelegenheden, schepen van aanzienlijke omvang tot zinken door plotseling van onder hen op te duiken en hun spanten te ontwrichten door er met zijn kop tegenaan te stoten. Dat kan echter ook per ongeluk zijn gebeurd.

Verklaringen

Voor Porphyrius' vernielingen werden allerlei verklaringen aangevoerd. De orthodoxen hielden het erop dat hij was gezonden als straf voor de ketterse zonde van het monofysisme. Maar de monofysieten zeiden dat dit onmogelijk was, want Porphyrius had zowel orthodoxen als monofysieten getroffen. (En rond de tijd waarover ik spreek was de breuk met Rome hersteld.) Anderen zeiden dat hij op zoek was naar een Jonas - en heel wat impopulaire matrozen, orthodox zowel als monofysiet, zoals het maar uitkwam, waren hem ten offer gebracht. Bisschoppen van beide overtuigingen waren uitgestuurd om van het strand tegen hem te preken, en strookjes papier werden via de stroom naar hem toegestuurd, met teksten die hem bezwoeren in de naam van de Drie-eenheid terug te keren naar de oceaan waar hij vandaan kwam. Maar Porphyrius was ongeletterd en ongedoopt en schonk er geen aandacht aan.

Belisarius vrijwilliger

Belisarius meldde zich als vrijwilliger voor de jacht op Porphyrius. Hij koos positie aan de ingang van de Zwarte Zee, rond de tijd dat de walvis terug werd verwacht van zijn visgronden. Hij was aan boord van een schip dat groter was dan het soort dat Porphyrius gewoonlijk aanviel, en dit schip was bewapend met een belegeringskatapult van het type dat niet de gebruikelijke korte spiesen afschiet, die in balans worden gehouden met veren van hout, maar een zware, lange speer. Justinianus leverde als bemanning van de katapult een detachement van de stadsmilitie van de blauwe partij - de verantwoordelijkheid voor de verdediging van de muren van Constantinopel was verdeeld tussen de demarch van de blauwen en die van de groenen. De militieleden hoopten roem te verwerven voor hun kleur door Porphyrius te vernietigen. De bemanning van het schip bestond ook uit blauwen. Ze schilderden de speren voor de katapult met blauwe verf en ze schilderden ook de voorsteven van het schip blauw, evenals de bladen van de roeiriemen.

Porphyrius gesignaleerd

Eindelijk kwam het bericht dat Porphyrius was gesignaleerd, verderop aan de noordkust, langzaam op weg naar de stad, en dat hij in een kwaad humeur was. Belisarius beval dat er scherp moest worden uitgekeken. Hij testte de katapult en gaf de militiemannen een training in de bediening ervan. Hij gaf hun opdracht te mikken op een vat dat hij overboord had laten zetten, totdat ze heel precies wisten hoe ver ze de kabels moesten spannen. Daar zag de uitkijk Porphyrius spuiten, een halve mijl van het schip. Porphyrius zwom aan de oppervlakte en kwam dichterbij, recht op het schip af, alsof hij het wilde rammen. Hij was een intelligent en slim dier, en wist hoe bang iedereen voor hem was: als hij in het gezicht kwam, zetten schepen alle zeilen bij en vluchtten voor de wind, waarbij ze soms vijftig mijl of meer uit hun koers gingen. Maar dit schip hield stand.

Heldhaftige militiemannen

Dichter en dichterbij kwam het monster, en Belisarius gaf opdracht te schieten. De speer floot door de lucht - en ging schoon door het vat heen: de militiemannen, doodsbang voor Porphyrius' woede, mikten liever op het vat dan op hem. Porphyrius beperkte zich ertoe met zijn staart te slaan, brak twee dozijn roeiriemen, dook onder en verdween. Maar voor hij weg was, had Belisarius een zware pijl in hem geschoten, met een stijve stalen boog van het type dat wordt gebruikt bij belegeringen, als de vijand probeert de stadspoorten te forceren onder dekking van extreem dikke schilden. Hij mikte waar hij verwachtte dat de hersens waren; maar de anatomie van de walvis is ongewoon, en de pijl zonk weg in beschermende blubber.

Hij zal spoedig aan zijn wonden sterven

Daarna zagen de jagers Porphyrius niet meer en na een paar dagen heen en weer kruisen keerden zij terug. De bemanning had de zaak onderling besproken en ze kwamen tot een verhaal dat hun trots onbeschadigd liet. Volgens hen had Belisarius met zijn boog geschoten, maar gemist, en toen hadden zij geschoten met de katapult. De speer was recht in Porphyrius' muil gegaan, maar Porphyrius had de schacht afgebeten en was loeiend van pijn weggezwommen, met de punt van de speer diep in zijn keel. 'Hij zal spoedig aan zijn wonden sterven', pochten ze, 'en onze speerpunt zal worden herkend aan zijn kleur.' De groenen wilden dat niet geloven, vooral omdat Belisarius het niet bevestigde. Het enige dat hij wilde zeggen was: 'De militieleden werkten hard aan hun katapult en ze mikten goed. Ik heb een officieel rapport ingediend bij zijne majesteit de keizer. Die zal het ongetwijfeld te zijner tijd publiceren.' Maar gelukkig voor de blauwen hield Justinus het rapport achter.


Terug naar Hoofdpagina